Aan tafel met pianiste Ludmila de Klerk-Tokareva

Aan de piano (foto: Eric Hage)

We starten het nieuwe jaar aan de keukentafel bij onze eerste gast in deze nieuwe serie interviews.

Als we aanbellen horen we al de pianoklanken. Zijn we te vroeg? Geeft ze nog les? Maar nee, ze was aan het studeren, dat gaat altijd door.”, antwoordt ze lachend. We worden welkom geheten en nemen plaats aan de keukentafel in een knusse, moderne keuken. Ludmila woont al zo’n 20 jaar in dit heerlijke huisje midden in de Hilversumse Meent. Het is een wijk waar je alleen op uitnodiging en met toestemming van de andere bewoners in komt. Dit creëert een fijne sfeer waar iedereen zich welkom en thuis voelt, zo ook onze Ludmila.

Een rode speelgoed vleugel

Achter een kopje verse thee vertelt Ludmila de Klerk-Tokareva, zoals ze officieel heet, hoe ze van Rusland, via Bulgarije uiteindelijk in Nederland terechtkwam. Ze groeide op in een “hongergebied” in de Wolgogradregio, een gebied in Rusland net zo groot als Nederland, maar heeft zelf nooit het gevoel dat ze iets tekort is gekomen.

“Mijn ouders komen van verschillende kanten van Rusland. Mijn moeder van de Noord-Kaukasus en mijn vader van de Oeral. Allebei bouwingenieurs. Ze hebben die stad gebouwd waar ik geboren ben.”

Op haar vijfde kreeg ze een rode speelgoed vleugel. Vanaf het eerste moment was ze verliefd op de klanken. Of het door het constante gepingel of haar passie voor het instrument kwam, weet ze niet, maar een jaar later stond er een echte piano in huis. Kunst en cultuur zijn belangrijk in Rusland en een grote muziekschool vlak naast haar huis deden de rest: twee keer per week ging ze zelf naar pianoles, aangevuld met solfège en muziektheorie en thuis ‘lesgeven’ aan haar grote broer en ouders. Zeven jaar studeerde ze hier. Later gaf ze er zelf nog een jaar les.

Hierna studeerde ze twee jaar elk weekend in de stad Wolgograd. In een gammele bus over hobbelwegen, 700 km heen en weer, om op haar 15e het toelatingsexamen te halen voor het conservatorium daar. Passie en talent alleen zijn niet genoeg, ook hard werken is nodig om een goede pianiste te worden met een specialisatie begeleiding en lesgeven.

In Nederland volgde ze later nog de Schumann Academie, een soort muziekbachelor opleiding om haar kennis aan te vullen met moderne didactiek en de westerse benadering van lesgeven. En ook om alles wat ze kende om te kunnen zetten in de Nederlandse taal. Ze had al haar diploma’s gehaald in Rusland, maar moest nu alle muziektermen leren vertalen om les te kunnen geven in het Nederlands.

Eigen foto

Zoekplaatje? Ja ik sta er ook tussen, en mijn geweldige docente “Anna Tsjerfas” zit aan de vleugel.

Van Bulgarije naar Nederland

Toen in Rusland de crisis begon, vertrok Ludmila in 1987 met haar Bulgaarse man naar Bulgarije. Qua taal en cultuur leken Russisch en Bulgarije op elkaar. Bijna hetzelfde alfabet, met uitzondering van 3-4 letters. Dat scheelt. Toch zijn er belangrijke verschillen. Het Bulgaarse woord ‘naprave’, schrijf je hetzelfde als het Russische ‘naprave’, maar het een betekent rechts, het ander rechtdoor. Ook ja-knikken betekent nee in Bulgarije en ja in Rusland. Er zijn op deze manier heel wat koekjes en rondes koffie langs haar heen gegaan vertelt ze lachend.

Ook daar werd het echter al snel crisis. “Niemand had meer geld voor piano’s en lessen. In een dag werden prijzen 10x verhoogd. Met een maandloon kon je drie dagen doen en dan was het alweer op. Ja, echt een economische crisis. En ik werkte bij een sportvereniging, in de ritmische gymnastiek. Dit was toen nog met live begeleiding. Bulgarije is heel goed trouwens in ritmische gymnastiek. Ze komen heel hoog in de score. Dus ja, dat was gewoon officieel werk van de overheid. En toen na die crisis was het helemaal kapot. Het hele systeem was kapot. Met sport, met alles. Ik moest opnieuw beginnen.”

Ludmila en haar man spraken de eerste 5 jaar in Nederland alleen maar Engels.

“Daarna wilde ik Nederlands leren. Ik ging naar de cursus Nederlands toen ik mocht. Het was eigenlijk in die tijd onmogelijk officieel om jezelf te legaliseren, want ze hebben het zo onmogelijk gemaakt. Ik moest terug naar het land waar ik vandaan kwam en dan moest ik daar cursus doen, Nederlands. En dan met die papieren in Nederland komen.” Lachend vertelt ze “Ik heb mijn man altijd ingeschakeld om te helpen met die teksten die ik moest uitwerken voor de lessen, voor de methodiek. En hij zegt, wie heeft het nou geschreven? Zo’n rare taal, vond hij dat wel.”

In januari 2007, zij en haar man woonden toen al in Naarden, kon ze officieel staatsburger worden.

“Ik had een Bulgaars paspoort. Toen Bulgarije in de EU kwam kon ik me hier registreren. Dan mocht ik naar de cursus. Ik moest tot niveau 2 zelf doen, zeiden ze. Niet vanaf het begin. Dus tot niveau 2 heb ik het zelf geleerd uit boeken.”

In een jaar tijd rondde ze vervolgens de cursus af en deed ook nog staatsexamen Nederlands. “Daarna begon ik officieel met mijn bedrijf in 2008. Met mijn lesgeven en begon ik ook met de koren.”

Toch weer een koor

Ludmila werkte o.a. 15 jaar in studio MCO met ’t Koor in Hilversum en ook bij een koor in een kerk in Ankeveen. “Een soort kerkpopkoor die allerlei genres zingt, klassiek, pop en van alles, jazz en gospel en ook speciaal voor het koor gecomponeerde muziek.”

Want je scholing is klassiek geweest?

“Ja, precies. Dat was een andere scholing voor mij toen ik met de popkoren begon.”

Dat heb je allemaal jezelf aangeleerd?

“Ja, dat moest wel ook. In het begin was het moeilijk maar het ging steeds beter en je went eraan. Ik heb ook met het muziektheater gewerkt in Zeist, Poly Hymnia, een semi-professioneel koor. Ze deden ook één project per jaar, net als jullie. Meestal opera. Ik heb daar veel mooie opera’s gedaan. Ze wilden graag dat ik blijf spelen.”

In die tijd maakte ze kennis met Fred en werd ze gevraagd om bij ons koor te komen spelen. Beide koren oefenen op dinsdag, dus de keus was lastig. Uiteindelijk gaf de muziek de doorslag.

Samenwerken met Fred

Had je al eerder met Fred gewerkt?

“Nee, dat was een heel interessant gebeuren, want ik kende hem heel weinig. Via zijn vriend, cellist, die ik ook kende, heeft hij me gevraagd om zijn stuk, Listening II, op te nemen en daar hebben we elkaar leren kennen.”

Eigenlijk wilde Ludmila in die tijd stoppen met koren, het was altijd hard werken en lange avonden, maar toen kwam Fred met Mozart.

“Hij heeft blijkbaar vol vertrouwen in mij gehad. En ik wist ook niet hoe het zou gaan. Dus voor mij was het ook vertrouwen op dat het goed zou gaan. Tot nu toe heb ik er geen enkel moment spijt van gehad. De samenwerking was vanaf dag één al goed en het groeit nog steeds. Dat hoor ik ook terug van Fred en daar ben ik blij om.”

Mozart Requiem repetitie in de Van Houten Kerk, Weesp

Werken met Vocaal aan de Vecht

Hoe was het voor jou om bij dit koor te beginnen?

“Ik dacht, nou, dat moet ik gewoon doen. Ik kende in het begin niemand, absoluut niemand. Dus dat is spannend inderdaad. En daar zit ik ook nog op het podium. Gelukkig was de ontvangst vanaf begin al warm. Applaus na de repetitie voor mij is een teken van waardering.  

Het was meer werk dan ik verwachtte, want die partituren van omgezette orkestmuziek zijn heel lastig. Je moet het zelf speelbaar maken voor jezelf. En ik had geen tijd om te bewerken of uit te schrijven, dus dat moet je gewoon onthouden. Bijvoorbeeld als je twintig noten ziet en dan moet je 16 andere spelen. Dat is dan bijna in elke maat. Het is heel veel in je hoofd. En spelen, spelen, spelen, spelen, spelen, spelen.” Ze legt uit dat voor pianobegeleiding alle muziekpartijen van de andere instrumenten in de pianopartij verwerkt worden. “Het is geen pianomuziek. Het is gewoon orkestmuziek waarvan de pianopartij wordt gemaakt.”

En er is niemand die dat even speelt en denkt van nou, dat gaat niet?

“Ik denk zelf soms dat ze dat gewoon op de computer genereren. Het wordt dus automatisch gedaan, ik zou zeggen niet echt ‘pianistenvriendelijk’.”

De opstelling blijft lastig. Door achter Fred te zitten hoort ze niet alles wat hij zegt, want hij praat altijd de andere kant op. En de akoestiek is een beetje onduidelijk. “Alsof het geluid zweeft door de ruimte.”, legt Ludmila uit. Contact met de dirigent is belangrijk, maar door de plaatsing van de vleugel is dat beperkt. Ik moet veel op mijn gehoor anticiperen.

“Op een moment dacht ik, waar ben ik nou aan begonnen?”, vertelt ze lachend.

Wat vind je leuker? Een koor begeleiden of zelf spelen?

“Dat is eigenlijk allebei leuk. Als ik zelf concerten geef, dan kan ik zelf muziek kiezen. En bij een koor kom je inderdaad voor de keuze van de anderen. Het is fijn dat ik heel veel muziek mooi vind. En het is ook heel fijn als je met een dirigent werkt, dat je een beetje dezelfde smaak hebt en een beetje dezelfde kijk op de muziek hebt.”

Heb je daar ook invloed op? Fred heeft natuurlijk heel duidelijk invloed op het repetitieproces, maar heb je dat als begeleidend pianist ook? Invloed op de dirigent?

”Ik denk van wel. Als ik de dirigent goed kan begrijpen en volgen voelt het koor het ook direct en het hele repetitieproces loopt soepel. Ik heb het ook weleens gehoord van een koor waar ik mee gewerkt heb, dat ze dankzij mijn begeleiding gegroeid zijn. Blijkbaar maakt het wel uit.”

Heb je het gevoel dat je erbij hoort?

Twijfelend antwoordt ze dat ze soms het gevoel heeft dat ze dingen mist, zoals dat er laatst video-opnamen gemaakt werden. Dit had ze graag van tevoren geweten. Ze zit nog niet in de app-groepen en ook op de site staat ze nog niet. Koorleden zeggen dat ook vaak, dat ze niet vindbaar is op onze site. We beloven hier wat aan te doen “Maar”, vervolgd Ludmila, “ik vind het wel fijn om met jullie te werken. Na de repetities kom ik thuis met mijn hoofd vol mooie muziek die ik de hele avond heb gehoord.”

En je doet altijd gewoon hartstikke leuk mee met dingen, zoals met die eenhoorn-actie vorig jaar. Je pakt gewoon meteen zo’n hoorn en gaat ermee zitten spelen.

“Ja, natuurlijk. Waarom niet?”

Wat denk je van het koor?

“Wat ik opvallend vind op de repetities is deze grote enthousiasme. De reactie van het koor op de instructies van Fred. Er is heel veel actie tijdens de repetities, allesbehalve stil zitten. Soms vraagt hij dingen, dan denk ik, zou je dat begrijpen als je geen muzikale achtergrond hebt? Maar het wordt toch begrepen op een of andere manier en ook op geantwoord. Hij krijgt het voor elkaar. Ik vind het wel bijzonder.”

Heb je een specifiek voorbeeld?

“Ja, want als hij vraagt bijvoorbeeld een interval als terts om iets breder te zingen. Dat is echt een hele moeilijke begrip hoor. Dat wordt gewoon gedaan. Dus dat vind ik wel knap. Dat is het bijzondere van het koor. Sommige harmonieën zijn ook lastig om te zingen. Wat dat betreft hebben jullie een goede training gehad met de Eenhoorn van Fred.

Wat wordt het volgende project wat we gaan doen?

“Dat weet ik niet maar ik heb een volle vertrouw dat het weer een mooie muziekkeuze zal zijn” Als je mij ziet heel snel weghollen, dan is het niet wat ik leuk vind. Nee, hoor. Grapje.

Aan de piano bij de kerstboom (foto: Eric Hage)

The Armed Man

Wat vind je van The Armed Man?

“In het begin dacht ik dat het een heel dramatisch stuk was.” Ze kende het nog niet en begon pas te luisteren toen Fred het bekend maakte. Maar het leeft steeds meer als je het zelf speelt. Het is echt muziek die blijft hangen. Ze speelde het één keer door toen ze de partituur kreeg en na een week kwam ineens een stuk mooie muziek in haar op. Dit bleek het Kyrie van The Armed Man te zijn. “Er zitten ook vaak botsende harmonieën in, en als contrast veel mooie melodieën. Dat roept veel emotie op. Ik vind het nu wel een mooi stuk om te spelen. Het heeft wel ritmische uitdagingen, ook voor het koor.”, lacht ze.

Waarom is dat een uitdaging?

“Omdat in één stuk met hetzelfde maatsoort kan twee verschillende ritmische interpretaties voorkomen. Dan moet je het anders gaan denken. En ook de manier van de dirigeren veranderen om uit te komen. Dat is de kwestie van afspreken met de dirigent. Met Fred is het absoluut geen probleem.”

Wat heb jij nodig om het leuk te blijven vinden?

“Bij jullie? Ja, wat ik al heb gezegd, een beetje meer communicatie misschien. Tussen het bestuur en mij, dat de berichten mij kunnen bereiken. Op muzikaal gebied vind ik het echt leuk. Het gaat gewoon heel goed. Ik vind het echt leuk om jullie te horen zingen.”

We hebben het er nog even over of een oortje haar zou kunnen helpen met het beter verstaan, want door haar positie op het podium hoort ze vaak niet wat Fred zegt. ”Ik ben ook geen ‘native speaker’, voor mij is dat extra moeilijk. Weet je hoeveel problemen ik had om de dirigenten te verstaan? Je hebt soms 50% verlies van wat ze zeggen, omdat je gewoon één woord niet kent of niet verstaat. En dan mis je de hele zin. En soms maakt de dirigent een grapje en de hele koor zit te lachen, alleen ik niet. Dat is zo vaak gebeurd.”

Zelf hoort ze de laatste tijd weer veel Russisch, door het luisteren naar audioboeken en podcasts op YouTube. Er komen ook vaker Russischsprekende leerlingen. Zo heeft ze wel vier klanten die Russisch spreken. Wat weer zorgt voor verwarrende situaties als ze lesgeeft aan een kind wat al Nederlands spreekt, maar de moeder die erbij is niet. Dan schrijft ze huiswerk op, maar moet dat dan in het Nederlands voor het kind of Russisch voor de moeder?

Schuldgevoel

The Armed Man gaat over oorlog. Rusland is natuurlijk ook deel van die oorlog waarbij wij zeggen de agressor. Heeft dat op een of andere manier nog te maken met jouw involvement met The Armed Man? Voel jij als ex-Russische of Russische daar een bepaalde verantwoordelijkheid in?

“Ja, altijd. Ik heb Oekraïense vrienden hier, en in Bulgarije. In de eerste dag van de oorlog ging ik naar een Oekraïense vriendin, die hier woont. En als Russische voelde ik me meteen schuldig. Want Rusland viel Oekraïne aan, dat voelt nog steeds heel gek. Als ik nu gevraagd word waar ik vandaan kom, antwoord ik daar met een ander gevoel bij.”

Heb je nog familie in Rusland waarmee je contact hebt?

“Ja, mijn broer. Het contact wordt steeds moeilijker, videobellen is bijna niet mogelijk. De sociale platformen zoals WhatsApp werken niet meer in Rusland en Russische werken niet in Europa.”

Heeft je dat vriendschappen gekost?

“Ja, met één vriendin wel. Dat is heel vervelend. Wij zijn samen opgegroeid. Zij is Russisch. Maar je weet dat Russische mensen nu onder flinke invloed van de propaganda zitten. Je kunt het ook een propagandaoorlog noemen. Ik hoop dat de oorlog snel stopt.”

Toekomstdromen

Hebben we nog een leuke vraag als afsluiting? Wat is je toekomstplan voor jezelf? Heb je nog een doel wat je zou willen bereiken voor jezelf?

“Ja, ik hou ontzettend veel van fotografie. Vooral natuurfoto’s. Er is veel mooie natuur in de omgeving, dat inspireert mij. Op dit moment heb ik geen tijd om het echt goed uit te zoeken en geen echte camera. Het is misschien iets voor de toekomst, maar ik fotografeer veel met mijn telefoon. 

Als ik met mijn man in het bos loop, wordt het: lopen, stoppen, stoppen, stoppen.”, lacht ze.

Gelukkig gaat Ludmila voorlopig nog niet stoppen met de muziek en kunnen wij hopelijk nog lang genieten van haar begeleiding tijdens onze kooravonden en uitvoeringen.

Aan de keukentafel bij Ludmilla de Klerk-Tokareva (Rechts: Edo Smit) (Foto: Eric Hage)

Interview met Ludmilla de Klerk-Tokareva voor Vocaal aan de Vecht, dd 19 dec 2025

Interviewers: Edo Smit, Eric Hage

Noot van de redactie

Om zo dicht mogelijk bij haar eigen woorden te blijven, hebben we ervoor gekozen bepaalde uitspraken te laten zoals ze gezegd zijn ook al zijn ze grammaticaal misschien niet helemaal correct.. Alleen voor de leesbaarheid zijn hier en daar woorden en zinsdelen aangepast.